dinsdag 27 februari 2018

Minder vlees broodnodig voor een beter milieu

Er staat een olifant in de kamer van het klimaatakkoord van het kabinet-Rutte III. Of liever, er staan een koe, een varken en een kip. Het kabinet, dat als 'groenste ooit' de geschiedenis in wil gaan, zet alles op alles om het klimaatakkoord van Parijs (40 procent minder CO2-uitstoot in 2030) te halen.


Polderen

Minister van Economische Zaken en Klimaat Eric Wiebes heeft zes 'overlegtafels' in het leven geroepen die zich moeten buigen over maatregelen om onze uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Er wordt onder meer gesproken over CO2-opslag onder de grond, slimmer landgebruik, elektrische auto's, windparken op zee, sluiting van kolencentrales en zuiniger kantoren.

Wat ontbreekt in dit rijtje? Vlees.


Voedselconsumptie

Volgens de landbouworganisatie van de Verenigde Naties, is de veehouderij verantwoordelijk voor 14,5 procent van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen, evenveel als alle transport bij elkaar. 70 procent van de landbouwgrond staat direct (weiden) of indirect in dienst van de vleesproductie; 30 tot 40 procent van de wereldgraanoogst wordt gevoerd aan de 50 miljard dieren die jaarlijks geslacht worden.

Een derde van alle klimaatbelasting wordt veroorzaakt door de productie en consumptie van voedsel. Dierlijke producten hebben een groot aandeel daarin: meer dan de helft.


Taboe

Het kabinet heeft daar geen boodschap aan. Het aanpakken van vlees is al jarenlang een taboe in de Nederlandse politiek. Niet voor niets, want de zogenaamde economische belangen zijn groot. De Nederlandse vleesindustrie is goed voor een productiewaarde van ruim 10 miljard euro per jaar en neemt 18 procent van onze totale landbouwexport voor haar rekening.

Politieke partijen

De VVD is altijd al een partij van vleeseters geweest. Van het CDA herinneren we ons vooral nog de moedige poging van kamerlid Jaco Geurts om het gebruik van 'vleesnamen' als gehaktbal en spekjes voor plantaardige alternatieven te verbieden.

Inderdaad een topprioriteit als het om klimaatbeleid gaat, want plantaardige alternatieven zijn vele malen milieuvriendelijker.

De ChristenUnie heeft een warm hart voor het klimaat. Maar juist in de 'Bible Belt' zitten veel bedrijven in de sector van de (intensieve) veehouderij. D66 maakt in zijn verkiezingsprogramma zeven woorden vuil aan het onderwerp.

Aanpak

Er zijn verschillende manieren om de vleesconsumptie aan te pakken. Een ervan is een accijns heffen op vlees. De vleesproductie veroorzaakt aanzienlijke schadeposten voor het milieu: opwarming van de aarde, verlies aan biodiversiteit, vervuiling van lucht en water. Om de gevolgen daarvan te bestrijden is veel geld nodig. Denk alleen maar aan de honderden miljoenen die worden uitgegeven aan hoogwaterbescherming, nodig door de klimaatopwarming. Die kosten worden nu door de gemeenschap gedragen, inclusief diegenen die vegetarisch eten of bewust vlees minderen. Dat is oneerlijk.

Een accijns op vlees legt de kosten bij de gebruiker.


Voorlichting

Het allerminste wat een Nederlands kabinet zou kunnen doen is een voorlichtingscampagne beginnen om consumenten bewust te maken van de milieubelasting door vlees en de winst die daar te behalen is. Wie eens per week biefstuk op zijn bord vervangt door een plantaardige vleesvervanger vermindert zijn wekelijkse CO2-uitstoot met 10 procent, heeft het Voedingscentrum uitgerekend.

Bron: De Volkskrant; 26 februari 2018

PS: Voor de meeste politieke partijen die in Deurne deelnemen aan de verkiezing voor de nieuwe gemeenteraad is vleesproductie en -consumptie geen onderwerp in hun verkiezingsprogramma.