donderdag 28 december 2017

Wormen zijn ideale boerenknechten

„We leven in een levenloos landschap. Maar er is steeds meer discussie over wat we ons land hebben aangedaan”, zegt wormenbioloog Jeroen Onrust. Heel wat boeren trokken hun wenkbrauwen op toen bioloog Jeroen Onrust bij ze aanklopte. Wát wil je doen? Wormen tellen in mijn weiland? ’s Nachts? Liggend op je buik op een kar? „Nou, je gaat je gang maar, zeiden ze”, vertelt Onrust lachend. Maar al snel waren ze razend benieuwd wat eruit kwam.


Rode en grijze wormen

De ene worm is de andere niet, benadrukt Onrust. In ‘ouderwets’ grasland, zonder ploegen of kunstmest, vind je veel rode wormen, zoals de gewone regenworm. Maar in intensief beheerd grasland leven vooral grijze wormen. „Rode wormen eten blaadjes en gras, die ze de grond in trekken en verder verteren”, vertelt Onrust. „Daarmee zijn ze heel belangrijk voor het recyclen van voedingsstoffen. Maar de grijze wormen eten gronddeeltjes en verteren de bacteriën die daarop leven. Zij doen pas veel later in het afbraakproces mee.”

Wormen en weidevogels

Onrust: „Grijze wormen leven diep in de bodem en zijn alleen bereikbaar voor weidevogels met een lange snavel, die op de tast jagen, zoals grutto’s. Zichtjagende vogels met een korte snavel, zoals kieviten, zijn afhankelijk van rode wormen die ’s nachts naar de oppervlakte komen om eten te zoeken.”


Voortbestaan bedreigd

In intensief beheerd grasland, waarin nauwelijks bloemen en kruiden groeien, leven ook minder insecten voor kuikens van de vogels. En het maaien kost veel nesten en kuikens.


Ongunstig voor de boer

Het intensieve beheer is ook voor de boer ongunstig, stelt Onrust. „Die komt terecht in een vicieuze cirkel waarin hij het land intensief móet beheren om zijn productiviteit te behouden”, zegt hij. „Nu ploegen de boeren hun land als de productiviteit afneemt, en zaaien ze opnieuw Engels raaigras in. Maar dat ploegen doodt een groot deel van de wormen. De wormenstand in zo’n grasland heeft een paar jaar nodig om weer op peil te komen. In de tussentijd moet de boer het land steeds meer bemesten om het weggevallen werk van de rode wormen te compenseren.” Doet hij dat niet, dan stort de productiviteit van het grasland heel snel in.

Werkers

Wormen, zo concludeert Onrust, zijn de ideale werknemers van de boer. Ze verbeteren de bodemstructuur, brengen organische stof in de bodem en houden de bodem vochtig. En ze voeden de weidevogels, waar veel mensen van genieten. Dat laatste is niet onbelangrijk, stelt hij. „Het land is misschien wel van de boer, maar het landschap is van en voor iedereen.”

Bron: nrc.nl; 18 december 2017