woensdag 20 september 2017

Machtsverhoudingen tussen landbouw en volksgezondheid

Bij de bestrijding van dierziekten die kunnen overspringen van dieren op mensen, is het boerenbelang voor de overheid steeds overheersend geweest; de volksgezondheid komt hoogstens op de tweede plaats. Dat was niet alleen het geval tijdens de Q-koortscrisis van 2007 tot 2010, maar het gebeurt al meer dan honderd jaar.

Zoönosen

Floor Haalboom promoveert aan de Universiteit Utrecht op een historisch onderzoek naar de aanpak van zoönosen (door mens en vee gedeelde infectieziekten) in de afgelopen eeuw. Aanleiding voor het promotie-onderzoek was de Q-koortsepidemie.

Sterke lobby

“De landbouwsector heeft zich van oudsher sterk georganiseerd, met ook een stevige lobby in Den Haag”, verklaart onderzoekster Haalboom. “Volksgezondheid is veel meer versnipperd, en heeft zich minder sterk georganiseerd. Dat geldt tot op de dag van vandaag.”

Infectieziekten

Bijna 70 procent van alle infectieziekten bij mensen zijn oorspronkelijk afkomstig van dieren. Haalboom behandelt in haar proefschrift vier voorbeelden: rundertuberculose, influenza (griep), Salmonella en BSE (gekkekoeienziekte).

Handelsbelangen

“De concrete en financiële belangen van de Nederlandse landbouwsector werden van zwaarder politiek gewicht geacht dan de meer abstracte, algemene volksgezondheidsbelangen”, aldus Haalboom. “Vooral de handelsbelangen gaven de doorslag.”

Zelfregulering

Gedurende de 20ste eeuw was de landbouwsector zeer succesvol in het ontlopen van onwelgevallige verplichte overheidsmaatregelen met het toverwoord 'zelfregulering'. Groot was dan ook de schok in de boerenwereld toen Europa in 2000 dwingende EU-bestrijdingsmaatregelen afkondigde om de BSE-crisis te bezweren.


Q-koorts

Ook tijdens deze crisis zat Landbouw aan de stuurknuppel. Volksgezondheid leek ondergeschikt te zijn aan de belangen van de geitenboeren, hoewel duizenden mensen ziek werden van de Coxiella-burnetiibacterie en zeker 75 mensen stierven.

Politieke angel

Uiteindelijk gaat het om de vraag: wie of welk departement is verantwoordelijk voor de aanpak van dierziekten die kunnen overslaan op mensen? En hoe is de rolverdeling tussen overheidsinstanties en het georganiseerde bedrijfsleven? 'Dat zijn politieke keuzen', zegt de promovenda.


Landbouw en Volksgezondheid

Ook na de recente dierziektecrises (Q-koorts, vogelgriep, gekkekoeienziekte) en de overdracht van resistente bacteriën van dier op mens (door het gebruik van antibiotica in de intensieve veehouderij) is er in de rolverdeling tussen Landbouw en Volksgezondheid nog weinig tot niets veranderd.


Machtsverhoudingen

Wetenschapper Haalboom wil zich niet uitlaten over de fundamentele vraag wat de machtsverhoudingen tussen landbouw en volksgezondheid zouden moeten zijn. “Dat is een politieke afweging die politici met een stevig democratisch draagvlak moeten maken. Idealiter zijn het niet alleen belangenbehartigers en deskundigen die hierover beslissen, maar ook burgers. Zij zijn immers de potentiële slachtoffers van uitbraken van zoönosen.'

Bron: De Volkskrant; 18 september 2017