zaterdag 12 augustus 2017

Toekomst veehouderij in Deurne

Vrijdag 7 juli 2017 hebben Provinciale Staten Noord-Brabant ingestemd met een pakket maatregelen, gericht op versnelling van de transitie van de veehouderij sector in de provincie Noord-Brabant.


Een sterke veehouderij hoort bij Brabant

Uit de website van de provincie: “De Brabantse veehouderij moet bewegen naar een sector die maatschappelijk geaccepteerd en gewaardeerd wordt, diervriendelijk produceert, past in zijn natuurlijke omgeving en geen onaanvaardbare gezondheidsrisico’s meebrengt.

Met een schone veehouderij is er meer ruimte om te ondernemen in Brabant.”


Breuk met verleden

Hoewel de beslissing van Provinciale Staten beperkt was in reikwijdte en visie, werd de beslissing door velen als ingrijpend ervaren. Sommige provinciale politieke partijen die in de voorbije jaren een belangrijke rol speelden in de ontwikkeling van de intensieve veehouderij, protesteerden luid tegen de beslissing van Provinciale Staten. Daarbij werden ze gesteund door het bestuur van ZLTO en andere belanghebbende partijen als banken, veevoerbedrijven, stalbouwers, technologische bedrijven en adviseurs.

CDA Deurne

De politieke partij CDA speelde in het land, in de provincie en ook in de gemeente Deurne een hoofdrol in de ontwikkeling van de intensieve veehouderij. Deze ontwikkeling betekende in de voorbije jaren al dat veel kleinere boerenbedrijven het loodje moesten leggen. Het CDA heeft nog geen duidelijk standpunt over de verdere ontwikkeling van de veehouderij in Deurne.

Ook is, zoals ook bij andere politieke partijen in Deurne, nog niets te merken van enige visie op de toekomst van de agrarische sector in Deurne.


Raadsvraag van CDA Deurne

Op 5 juli 2017, toen de besluitvorming van Provinciale Staten al duidelijk was, stelde CDA Deurne een raadsvraag aan het college van B&W Deurne over de gevolgen voor Deurne van de provinciale besluiten over de versnelling duurzame veehouderij.

Uit de vragen blijkt dat CDA Deurne zich onttrekt aan de medeverantwoordelijkheid voor de in Deurne gegroeide situatie rond de veehouderij.


De situatie in Deurne

In Deurne neemt het aantal directe banen in de veehouderij al jaren af, terwijl het aantal dieren, en daaraan gerelateerd de overlast, al jaren toeneemt. Het aantal directe banen is gedaald van 2000 in 1996 naar 1500 in 2008 en vervolgens naar 1200 in 2015 (meest recente gegevens afkomstig van het bestuur van de gemeente).  Sindsdien zal de daling verder zijn gegaan. Het aantal veehouderijen is sterk verminderd.  Verder blijkt dat varkensboeren (niet de grote ondernemers in varkensland) steeds minder verdienen. Naar verwachting zal in 2020 67% van de Deurnese varkenshouders zakken onder de inkomensgrens van 23000 euro.


Informatie ontbreekt

Uit de antwoorden op de raadsvraag blijkt dat Deurnese ambtenaren op veel vragen het antwoord schuldig zijn. Zo is het aantal secundaire arbeidsplaatsen (veevoeders, transport, bouw, stalsystemen etc.) onbekend. Ook weet het gemeentebestuur niets over de invloed van provinciale maatregelen op werkgelegenheid in Deurne. Inzicht in de te verwachten financiële situatie van veehouders ontbreekt eveneens. Ook vragen over agrarische leegstand blijven onbeantwoord.


Financiële steun

Verschillende vragen van CDA hebben betrekking op eventuele toekomstige financiële steun aan agrariërs. Uit de vragen blijkt niets van enig begrip van mede verantwoordelijkheid voor de ontstane situatie en wordt nog steeds verwacht dat de gemeenschap eventuele financiële consequenties wel zal helpen oplossen.

De eigenlijke schuldigen (politiek, banken, ZLTO, adviseurs, ondernemers, etc.) blijven daarmee buiten schot.


Visie

Van bestuurders mag visie verwacht worden. Zonder visie geen doelmatige besluiten over toekomstige ontwikkelingen. De vragen van CDA Deurne geven geen enkel blijk van visie op de in Deurne gewenste agrarische ontwikkeling.

Zo ziet de toekomst van menig agrariër er somber uit. En de inwoners moeten maar afwachten of er ooit een einde komt aan de huidige overbelasting.