vrijdag 7 juli 2017

Intensieve veehouderij voorbij

De opgewonden discussie op vrijdag 7 juli in en rond het provinciehuis in Den Bosch ging voorbij aan het feit dat er wereldwijd binnen twee generaties een einde komt aan intensieve veehouderij. De discussie in Den Bosch, in Den Haag en in Nederlandse gemeentehuizen zou moeten gaan over de houdbare toekomst van de Nederlandse veehouderij. Als er een collectieve visie zou zijn op die toekomst van de veehouderij, dan is ook discussie mogelijk over de weg er naar toe.
Bijgaande publicatie zou, inclusief de vele bijlagen, verplichte literatuur moeten zijn voor bestuurders, boeren, burgers en allerlei organisaties die zich bezig houden met de toekomst van de Nederlandse veehouderij.


Feiten

De intensieve veehouderij is ontstaan in de tweede helft van de 20e eeuw in de rijke, ontwikkelde landen van de wereld. Ze legt een groot beslag op grondstoffen en is koolstof-intensief. Ze is afhankelijk van een hoge toevoer van natuurlijke bronnen en grondstoffen uit de hele wereld: energie, water en land. Zestig miljard dieren (pluimvee en zoogdieren) worden jaarlijks verbruikt om voedsel te produceren. Meer dan 50% van het varkensvlees en 70% van het kippenvlees wordt nu al industrieel geproduceerd. Intensieve, industriële veehouderij is 6 maal sneller gegroeid dan traditionele, gemengde systemen.

2050

Beleidsmakers voorspellen dat de vleesproductie mogelijk verdubbelt vóór 2050. Daarmee zou ook het aantal dieren dat hiervoor gebruikt wordt, verdubbelen tot 120 miljard per jaar. De aarde zal niet in staat zijn deze immense aantallen vee, noch de gebruikte productiemethoden te onderhouden. Het verbruik van land, water en fossiele brandstof door de industriële veehouderij is, in vergelijking met gewassen als graan en groente, hoogst inefficiënt. Voor elke kilo vlees uit de intensieve veehouderij zijn meerdere kilo’s graan en andere producten nodig als veevoer.
Nu al wordt circa 40% van de graanoogst in de wereld gebruikt als veevoer, in de rijkste landen ligt dat percentage zelfs rond de 70%.

Van vlees naar plant

Veel energie, water en land, dat gebruikt wordt om gewassen te verbouwen die dienen als veevoer voor de intensieve veehouderij, zou efficiënter gebruikt kunnen worden om voedsel te verbouwen dat direct door mensen kan worden gegeten. Het Panel voor Klimaatverandering van de Verenigde naties (IPCC): “Omschakeling van vlees- naar plantproductie voor menselijk voedsel, zou kunnen bijdragen aan een efficiënter gebruik van energie en aan het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen”.


Broeikasgassen

Momenteel is de veehouderij verantwoordelijk voor 18% van de door de mens veroorzaakte uitstoot van broeikasgassen, dat is meer dan al het transport in de wereld (14%). Klimaatverandering zou de productievoorwaarden in de veehouderij in de toekomst fundamenteel kunnen veranderen. Voedergewassen, water en land worden veel minder beschikbaar. Hoge temperaturen kunnen de oogsten radicaal terugbrengen. Grote gebieden die nu gebruikt worden voor het verbouwen van gewassen kunnen onbruikbaar of onproductief worden door overstroming of droogte.

De zeeën en andere rampen

Het is mogelijk dat de zeespiegel aan het eind van deze eeuw een meter gestegen zal zijn. Hierdoor zou 20% van Bangladesh en wereldwijd 2 miljoen km² land onder water komen te staan. Als gevolg van de stijgende zeespiegel, overstromingen en droogte zouden tot 2050 150 tot 200 miljoen mensen genoodzaakt worden te verhuizen en zich te vestigen op land dat eerder voor landbouw werd gebruikt.

Einde

Tegen 2050 zijn de grote voorraden land, water en energie waarop de huidige intensieve veehouderij is gebaseerd, eenvoudig niet meer beschikbaar. Intensieve veehouderij zou daardoor zowel economisch als ethisch niet meer houdbaar zijn.


Wereldbevolking

Door haar hoge beroep op natuurlijke grondstoffen en haar grote gevolgen is intensieve veehouderij het verkeerde model om de wereldbevolking in 2050 te voeden. In de komende decennia moet graan worden vrijgemaakt om mensen te voeden. Vermindering van de dierlijke productie, gecombineerd met extensieve landbouw is het meest effectieve antwoord dat boeren en beleidsmakers in de ontwikkelde landen kunnen geven om dit doel te bereiken. Voor iedere individuele mens is een lager verbruik van dierlijke producten een van de snelste en meest effectieve reacties op de wereldwijde klimaatverandering, de overbelasting van natuur en milieu en de honger in de wereld.

Bron: Intensieve veehouderij voorbij; Duurzame oplossingen voor dieren, mensen en de aarde. Een rapport van ‘Compassion in World Farming’.