maandag 7 november 2016

De landschapspijn van Deurne

Grootschaligheid en massa productie in de landbouw hebben in Nederland geleid tot massale landschapspijn. De weg omhoog is bekend. Natuur-inclusieve landbouw leidt tot een rijker landschap en meer waardering voor de boeren.


Boerenland?

Veel mensen missen het boerenland van weleer. Dat gemis heeft zelfs een naam gekregen: landschapspijn. Vaak wordt gesuggereerd dat moderne landbouw en een mooi landschap niet zouden kunnen samengaan. Vogelbescherming en Boerennatuur denken dat dat wel degelijk kan, maar dan moeten we een andere koers inslaan.

Landschapspijn

Achter het woord landschapspijn gaat meer leed schuil dan het gemis aan een dierbare plek. De natuur die bij het boerenland hoort, is de afgelopen jaren in rap tempo verdwenen. Van de 120 duizend paar grutto's in de jaren tachtig van de vorige eeuw zijn er nog 30 duizend over; patrijs en veldleeuwerik namen in die periode met meer dan 90 procent af. Het is de keerzijde van onze primair op grootschaligheid en export gerichte landbouw.

Trots?

Kunnen we er trots op zijn dat we als ieniemienielandje het op een na grootste exportland van agrarische producten zijn? Die positie eist zijn tol. En de natuur is niet de enige verliezer.
Veel boeren staat het water aan de lippen. De wereldmarktprijzen van veel agrarische producten zijn te laag en de schulden te hoog. Ons nog langer alleen richten op de wereldmarkt is niet de oplossing. Voor de natuur heeft ons landbouwsysteem zijn grenzen bereikt. En voor steeds meer boerenfamilies is er op de huidige weg geen toekomst meer.


De weg omhoog

De neerwaartse spiraal kan en moet doorbroken worden. Dat kan door in te zetten op een landbouw die rekening houdt met landschap en natuur en waar de boer door markt en maatschappij beloond wordt. Een landbouw die niet tegen de natuur in werkt, maar gebruik maakt van wat de natuur biedt, zoals schoon water, insecten die voor bestuiving zorgen en bloemen en kruidenrijke weilanden die zorgen voor gezonde koeien en melk.

Natuur-inclusief

Zo'n landbouw heet in het bestuurlijk jargon 'natuur-inclusieve landbouw'. Een landbouw die staatssecretaris Van Dam zegt na te streven. Vogelbescherming en Boerennatuur juichen dat toe, maar voor een echte verandering moet het niet bij woorden en wat pilots blijven. In het topsectorbeleid landbouw wordt nu 95 procent van het geld ingezet voor activiteiten die niet bijdragen aan natuurinclusief boeren.

Omschakeling

Er moet veel meer ingezet worden op het ondersteunen van boeren in de omschakeling naar een moderne, natuurvriendelijke productiewijze. Waarbij niet aan slechts één bulk-product wordt verdiend, maar een heel gebied met meerdere voedselproducten, recreatie en bijvoorbeeld waterveiligheid bijdraagt aan het inkomen van de boer.


Maatschappelijke waardering

Zo'n beleid zal leiden tot een mooier en rijker landschap. Een landschap waar mensen weer van genieten, waar grutto's en kieviten gedijen, waar boeren maatschappelijke waardering krijgen en waar kleinschalig toerisme opbloeit.

Bron: De Volkskrant; 27 oktober 2016

Deurne
Wacht het bestuur van Deurne tot staatssecretaris van Dam ons vertelt hoe we de toekomst moeten aanpakken? Of hebben we zelf ideeën hoe we kunnen voorkomen dat er in de directe omgeving van Deurne een PRIMAG (Primair Agrarisch Gebied) komt dat alleen toegankelijk is voor gezondheid-avonturiers, en zeker niet voor toeristen. Laat van je horen op duurzaamdeurnenieuws@gmail.com