dinsdag 31 mei 2016

Mest; bedreiging of gouden kalf?

Landbouwdieren in Brabant produceren jaarlijks 15 miljoen ton mest. Dat is veel meer dan de Brabantse bodem kan verdragen. In heel Brabant bedraagt het mestoverschot jaarlijks 60%, in de Peel zelfs 70%. Provinciale Staten moeten vóór de zomervakantie een beslissing nemen over de mestkoers voor Brabant.


Probleem of kans

De inwoners van Noord-Brabant hebben genoeg van de steeds verder toenemende omvang van de veestapel in de provincie. Hun gezondheid wordt bedreigd, de natuur gaat snel achteruit, er is geen oplossing voor de gigantische meststroom, het woongenot en de waarde van woningen staan onder druk en inwoners in andere delen van de wereld lijden omdat hun grootverdieners profiteren van de soja die hier aan het vee gevoerd wordt.
De grote vee ondernemers in Noord-Brabant willen de inwoners op geen enkele manier tegemoet komen. Ze willen nóg meer en nóg grotere stallen. Ze willen het mestprobleem oplossen door de bouw van grote, gevaarlijke en absoluut nutteloze mestfabrieken.

Uitweg

Iedereen die niet op korte termijn economisch of politiek betrokken is bij de ontstane situatie begrijpt dat er maar één uitweg is. Het aantal dieren moet drastisch omlaag en de boerenpraktijk in Brabant moet een volkomen nieuwe weg inslaan die toekomstperspectief geeft aan boeren en inwoners. Deze oplossing is in de mestdialoog met verve verdedigd, voor zover dat in de formule van de dialoog mogelijk was, door betrokken en deskundige inwoners. Natuurlijk willen de vee-ondernemers een andere oplossing, maar die ondernemers en hun vak organisatie hebben in de dialoog duidelijk gemaakt dat hun eigenbelang van geen wijken weet. Na afloop van de dialoog hebben de grote vee-baronnen, gesteund door de bevriende RABO bank en een deel van het ministerie van economische zaken duidelijk gemaakt dat groot nóg groter moet. Alle argumenten over gezondheid, natuur, woongenot, leefplezier en aantasting van de aarde gaan aan hun begrippenwereld voorbij.

Bestuur

Het door ons gekozen, maar door politieke partijen bevoogde bestuur van Noord-Brabant is verantwoordelijk voor de toekomst van de vee-industrie in onze provincie. Het is normaal dat het bestuur rekening houdt met de belangen van alle belanghebbenden. Dat is hun bestuursopdracht. Een dialoog is daartoe verre van een goed middel. Zeker niet als deelnemende inwoners door proces begeleiders gemanipuleerd worden. Het probleem is dat, als gevolg van  nalatigheid door voorgaande bestuurders, in Brabant een situatie is ontstaan die voor de inwoners absoluut onacceptabel is. Bestuurders moeten ingrijpen en niet vluchten in een dialoog.


Bestuurders en ondernemers

Bestuurders van Noord-Brabant zijn nu aan zet en moeten rekening houden met alle inwoners door wie ze gekozen zijn. Bestuurders mogen hun verantwoordelijkheid niet delegeren aan zogenaamde deskundigen. Brabant moet gered worden. Daarvoor is nieuw elan nodig. Er moet duidelijk afstand genomen worden van het belaste verleden en gekozen worden voor een hoopvolle toekomst. De grote vee-ondernemers zijn sterk georganiseerd, hebben een lobby die doordringt tot in de politieke haarvaten, hebben grote invloed op de media  en hebben hun financiële en juridische belangen voor grote bedragen dichtgetimmerd. Alleen een sterk bestuur is een partij voor deze ondernemers. Wat die toekomst moet worden is meer dan duidelijk. Voor industrieel en grootschalig is alleen nog ruimte in de hoofden, maar niet in de harten, van uitsluitend economisch betrokken personen.

Bronnen:
ED; 22 april 2016 en Brabantse Milieufederatie; maart 2016

Reageren? Stuur uw mening over mest en vee onder eigen naam (openheid) naar duurzaamdeurnenieuws@gmail.com