zaterdag 23 april 2016

Tegen verloedering van het platteland

Ook in Deurne neemt de leegstand op het platteland toe. Inwoners van een deel van de Walsberg hebben zich verenigd in hun strijd tegen verdere verloedering.  In het Financieel Dagblad een artikel waarin bestuurders van gemeenten tot actie worden opgeroepen. Leefbaarheid van het platteland moet voor bestuurders een kernactiviteit zijn. Vooral de aanpak van leegstand nu en in de toekomst moet aangepakt worden. Als ondernemers en bestuurders beter en actiever samenwerken, ziet de toekomst van het platteland er niet zo zorgelijk uit als de Vereniging van Nederlandse Gemeenten zegt te vrezen.


Schaalvergroting

De schaalvergroting in de landbouw brengt al jaren veel teweeg in het buitengebied. Stank, bedreiging van gezondheid, achteruitgang van de natuur en vermindering van leefplezier zijn hoofdpunten van zorg. Een onderbelicht aspect hierbij is de vrijkomende agrarische bebouwing. Dit zijn gebouwen zonder agrarische toekomst. De schuren, stallen of (woon)boerderijen verliezen hun oorspronkelijke functie. Een groot deel van deze locaties wordt anders gebruikt dan volgens de functie die is toegekend door het bestuur. Veel gemeenten hebben geen inzicht in de situatie op het platteland. En handhaving is vaak politiek onaantrekkelijk.

Spanningen

Het aantal woningen in het buitengebied neemt toe, het platteland krijgt steeds meer een multifunctioneel karakter. Er komen nieuwe, kleinere, vaak weer grondgebonden landbouw bedrijven. Kleine ambachtelijke bedrijven vestigen zich in vrijkomende bebouwing. Zorg, onderwijs en ontspanning nestelen zich op het platteland. Er ontstaan initiatieven om de natuur weer op te krikken. De combinatie van verschillende functies botst vaak. Er ontstaan sociale spanningen als verschillende bewoners overlast van elkaar ondervinden. Zo klaagt de burger over stank van dieren en hun mest. De boer voelt zich beperkt in verdere groei.

O die bestuurders

Bestuurders van gemeenten komen te weinig in actie. En als ze dat wel doen, ontbreekt het ze vaak aan lef. Ondernemers krijgen te maken met rigide regels over de bestemmingen van een object. Dan is er in het bestemmingsplan bijvoorbeeld vastgelegd dat zich op een locatie een horecabedrijf, aannemer of hovenier mag vestigen. Er is dan dus geen plaats voor een ondernemer die er een insectenkwekerij wil vestigen, terwijl de plek zich daarvoor uitstekend leent. En omgekeerd.


Goede voorbeelden

Er zijn gelukkig voorbeelden van bestuurders van gemeenten die wél goed omgaan met de situatie in het buitengebied. De gemeente Dongen bijvoorbeeld heeft specifiek beleid ontwikkeld voor vrijkomende agrarische bebouwing op het platteland. In plaats van regels stelt zij voorwaarden op waaraan nieuwe initiatieven moeten voldoen. Sommige gemeenten bieden  sloopregelingen aan om locaties bruikbaarder te maken.

Toekomst

Als bestuurders van gemeenten alert reageren en in actie komen, kan de toekomst van het platteland er positief uitzien. Maar lokale bestuurders moeten dan ook echt stappen nemen in de handhaving. Als dat goed zit, kan er makkelijker planologische vrijheid aan ondernemers geboden worden die daarmee een creatieve invulling kunnen geven aan de locaties. Er zijn ideeën genoeg, maar pas bij een actieve rol van bestuurders kunnen die plannen worden omgezet in daden.

Bron: Financieel Dagblad; 21 april 2016


Reageren? Stap op de fiets en rijd een rondje langs de buitenkant van de bebouwde kom van Deurne. Is het duidelijk wat bestuurders moeten aanpakken? Mail naar duurzaamdeurnenieuws@gmail.com