zaterdag 26 maart 2016

Nederlandse veebaronnen verliezen concurrentie

Nederlandse veebaronnen die, daartoe aangezet door banken en hun eigen vakorganisatie, hebben geïnvesteerd in steeds grotere bedrijven, worden overtroffen door concurrentie uit het oosten van Europa. Het einde van de intensieve veehouderij in Nederland is in zicht. Rabobank en de vereniging van varkenshouders proberen met hun project ‘Vitale Varkens’ het tij te keren, maar helaas mikken ze op nóg groter, nóg meer intensieve bedrijven, zogeheten innovatie en technologie. Overleven in Nederland kan alleen door je te onderscheiden in kwaliteit. De tijd van goedkoop vlees uit massa fabrieken is definitief voorbij.


Voorbeeld

De pluimveesector vreest de goedkope Oekraïense kip. Die mag voorlopig van lagere kwaliteit zijn. In Vinnytsja, een regio in het westen van Oekraïne, staat de grootste kippenfabriek van Europa. Myronivsky Hliboproduct (MHP) heeft de hele kipketen in huis. Het bedrijf herbergt een veevoerfabriek, een broederij, vleeskuikenschuren en slachthuizen. Het is de megastal die de Nederlandse consument zo verafschuwt. MHP slacht jaarlijks zeker 332 miljoen kippen en het bedrijf wil de productie de komende jaren met 40 procent verhogen. Dan worden daar bijna evenveel kippen geslacht als in heel Nederland (573 miljoen per jaar).


Nederlandse hulp

Het bedrijf bouwde de fabrieken met een half miljard euro aan leningen van ING, de Rabobank en internationale ontwikkelingsbanken, waarin Nederland ook deelneemt. Bij de bouw maakte MHP gebruik van vele Nederlandse toeleveranciers. Zo kocht het slachtmachines van Meyn, verpakkingstechnologie van MOBA en broedmachines van Pas Reform. De helft van de kip die MHP naar Europa exporteert gaat via Nederland. De grootste Europese afnemer zit in Veenendaal. Van daaruit wordt het kippenvlees uit Oekraïne geëxporteerd. Nederland wijst daarna trots op een nóg grotere export van Nederland. Naar Oekraïense kip is veel vraag, vooral bij groothandels en de vleesverwerkende industrie in andere Europese landen.

Nederlandse regering

Het ministerie van Economische Zaken ziet in Oekraïne nog meer kansen voor landbouw(techniek), infrastructuur en logistiek. Op dit moment zijn 28 Nederlandse bedrijven uit deze sectoren op handelsmissie in Kiev met minister Lilianne Ploumen (Buitenlandse Handel, PvdA). Ook ondernemersorganisatie VNO-NCW is voorstander.

Supermarkten

De Nederlandse supermarkten Albert Heijn, Lidl en Jumbo verkopen sinds dit jaar geen ‘plofkip’ meer. Dat is kip die zo snel groeit dat zij meestal gezondheidsproblemen heeft. De leveranciers van de supers zijn overgestapt naar een trager groeiend kippenras. Het Oekraïense bedrijf MHP kan niet aan de Nederlandse supers leveren tenzij ze investeren in dierenwelzijn.

Rotonde

Omdat Nederlandse pluimveehouders voornamelijk exporteren (70 procent) vreest De Haan,  voorzitter van de Nederlandse Vakbond Pluimveehouders (NVP),  dat Nederland een soort rotonde wordt waar Oekraïense kip „een kwalitatief hoogwaardig predicaat – ‘verwerkt in Nederland’ – meekrijgt”. Dat zou de goede naam van Nederland als kippenproducent kunnen schaden.

Associatieverdrag

Het zal weinig of niets uitmaken of de inwoners van Nederland voor of tegen het associatieverdrag met Oekraïne stemmen.  Niets kan de toenemende concurrentie uit het oosten van Europa en andere delen van de wereld tegenhouden. De Nederlandse vee industrie kan alleen overleven als snel wordt overgeschakeld naar een nieuw model: kleinere bedrijven, veel minder dieren, voer uit de eigen omgeving en grondgebonden mestverwerking. Daar moet de Nederlandse regering achter staan.

Bron: NRC, 16 maart 2016
Meer lezen?

Reageren?
Voor welk model kiest u? Massa productie of kleinschalige, groene veehouderij?
Mail naar duurzaamdeurnenieuws@gmail.com