woensdag 6 januari 2016

Project ‘Deurne 2030’; boeren met toekomst

De breed georiënteerde boer die met plezier werkt en niet onder de knoet van de bank zit, heeft perspectief; dat zegt professor Jan Douwe van der Ploeg, hoogleraar aan Wageningen Universiteit, in het kerstthema van Boerderij. Kritisch is hij op de 'plankgasboer’.


Totaal anders

Jan Douwe van der Ploeg staat erom bekend dat hij geen blad voor de mond neemt. Als het over schaalvergroting gaat, hekelt hij het opjagen van boeren om fors te groeien. Hoe groter, hoe beter. De anderen zouden maar jansalieboeren zijn, die het kalm aan doen. De groeiers worden opgejaagd door een combinatie van ministerie, agribusiness, coöperaties, banken, Wageningen en vooral LTO. Die vaktribune brengt boeren van de wijs.”

Kwetsbaar

“Door hoge financiële lasten, waarmee de geforceerde groei gepaard gaat, krijg je bij uitstek kwetsbare bedrijven. Er hoeft maar iets te gebeuren, met een dierziekte, met de arbeid, met de markt, en de groeiers zitten in de problemen. Een aantal stort in de afgrond. De zuinige boer komt er als groep het best uit: minder rentelasten, minder afschrijving en een beter inkomen.”

Zuinige boer?

“Ze zijn zo veel mogelijk zelfvoorzienend. Ze telen eigen voer, de eigen mest gaat naar het land, ze fokken hun eigen vee op, de kringlopen staan centraal. Ze werken aan de vorming van eigen vermogen. Hun variabele en vaste kosten zijn laag. Het vakmanschap is zeer hoog.”

Groei

“Groei is verkleefd met boerentrots. Groei kan, maar dan stap voor stap, of spant voor spant en niet stal voor stal. Groei moet je het liefst realiseren met eigen financiële middelen. Zorg eerst dat de boel op orde is en zet er dan een spant bij. Groei je met veel geleend geld, dan investeer je in kwetsbaarheid. Je speelt een zeer riskant spel.”

Plezier

“Zuinige boeren gaan het redden. Ze werken met plezier en niet onder de knoet van de bank. Het zijn vaak ook multifunctionele bedrijven en boeren die zich toeleggen op regionale productie, recreatie en zorg. Ze zoeken het in meer toegevoegde waarde. Ze houden rekening met de maatschappij.”


Export?

“Boeren realiseren het zich niet, maar Europa wordt in toenemende mate omringd door zeer grootschalige, kapitalistische landbouwbedrijven. In Rusland heb je een bedrijf met 35.000 koeien, in Oekraïne is een pluimveebedrijf dat even groot is als de helft van de Nederlandse pluimveestapel. Je had het voormalige Nederlandse bedrijf Van Oers, dat in Spanje, Portugal, Marokko, Senegal en Ethiopië jaarrond intensief vollegrondsgroente teelt. Alleen al in Marokko gaat het om 1.300 hectare. Deze bedrijven zijn voor de handel heel aantrekkelijk. Ze beïnvloeden de markt in alle sectoren”


Varkens

“De varkenshouderij loopt op zijn laatste benen. Daar komt nog eens de Vion-flater overheen. De varkenshouderij is niet in staat gebleken om een vertaalslag te maken naar kwaliteit en duurzaamheid. Ze is niet in staat om bijvoorbeeld te concurreren met Brazilië, waar ze bovenop het voer zitten. Op de wereldmarkt gaat de varkenshouderij het verliezen. Alleen degenen die het anders aanpakken met lupine-varkens, Livar, Keten Duurzaam Varkensvlees of biologisch hebben toekomst.”

Bron: Boerderij; 26 december 2015

Reageren? Welke Deurnese bestuurders nodigen professor van der Ploeg uit om te praten over de toekomst van Deurne? Als van der Ploeg gelijk heeft dringt de tijd. Deurne 2030 is dichtbij. Mail naar duurzaamdeurnenieuws@gmail.com