dinsdag 3 februari 2015

Plattelandswoningen

Het platteland is al maanden onderwerp van discussie. Er wordt gesproken over verloedering door leegstand, over effecten van de intensieve veehouderij op de gezondheid, over aantallen dieren, over de kloof tussen boer en burger. Intussen groeit de berg van regels. Stankcirkels, CO2 uitstoot, ammoniakuitstoot (NH4), Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij (BZV) en vele andere regels. In diverse regio’s waaronder ook Deurne wordt een urgentieteam ingevlogen om oplossingen te vinden. Op alle fronten zijn we druk met de problemen op het platteland. Maar komen we ook daadwerkelijk tot oplossingen?


Armen van de toekomst

De realiteit is, dat steeds meer agrariërs (willen) stoppen, dat minimaal het zelfde aantal dieren wordt gecentraliseerd (megabedrijven), en dat de kleine agrarische gezinsbedrijven de armen van de toekomst worden. De sector is zich hiervan bewust en er wordt onderzocht hoe te komen tot een duurzame bedrijfsvoering. Deze zoektocht heeft echter alleen kans van slagen wanneer politieke beleidsmakers deze transitie ondersteunen met daadkrachtig en flexibel beleid. Een stimuleringsmaatregel die door het Rijk als instrument hiervoor is geïntroduceerd is de ‘plattelandswoning’.

Ontwrichting?

De plattelandswoning stond in Deurne op de agenda van de commissie Ruimte & Economie op dinsdag 3 februari 2015. Een plattelandswoning is een voormalig agrarisch bedrijfsgebouw waarvan de bewoner geen binding heeft met het agrarische bedrijf. De milieuregels zorgen ervoor dat het bedrijf niet gehinderd wordt door de bewoner. In de nota wordt als een van de nadelen benoemd “Ontwrichte situaties (zoals we die nu kennen vanuit het urgentieteam) tussen boeren en burgers zullen op de langere termijn door plattelandswoningen toenemen.” En tezamen met aanvullende argumenten adviseert het college van Deurne de plattelandswoning niet mee te nemen in de derde herziening Bestemmingsplan Buitengebied.

Verloedering?

Net als op een industriegebied geldt in een agrarische omgeving dat er conflict situaties kunnen optreden tussen enerzijds ondernemers en anderzijds solitaire bewoners in dat gebied vanwege verschillende belangen. Maar bereiken we door het instrument Plattelandswoning uit te schakelen wel de gewenste resultaten? Wij willen toch geen verloedering in het buitengebied door leegstand. Sterker nog de portefeuillehouder Nicole Lemlijn pleit voor ‘staldering’. Stel je hebt een varkensbedrijf gelegen tussen twee andere varkensbedrijven. Om te ‘overleven’ wil hij zijn bedrijf gaan omvormen naar bijvoorbeeld een toeleverend bedrijf voor de agrarische sector. Hij is bereid twee grote stallen te slopen en een derde kleinere stal te verbouwen voor de nieuwe bedrijvigheid. Met het weggooien van het instrument plattelandswoning is deze nieuwe situatie niet legaal te realiseren.

Dilemma

Door de bedrijfswoning als plattelandswoning te bestemmen kan de nieuwe bedrijvigheid legaal vorm worden gegeven en de twee grote stallen worden gesloopt. Daarnaast zullen ook vele burgers woonachtig in een voormalige bedrijfswoning in ons buitengebied de gevolgen ervaren. Voor de milieuwetgeving worden dit gewone ‘burger’ woningen. Formeel moet de gemeente de bewoners hiervan uit hun huis zetten. In omliggende gemeenten zijn hiervan diverse voorbeelden. Het is immers niet toegestaan om in een bedrijfswoning te wonen als je niet bij het bijbehorende bedrijf werkt. De zaak legaliseren via het bestemmingsplan kan niet vanwege gegronde bezwaren die de omliggende bedrijven zullen maken. Kortom, een dilemma voor velen.

Veegplan methode

Als men overtuigd is dat de agrarische sector een daadwerkelijke transitie moet ondergaan dan is het noodzakelijk hiervoor instrumenten met juiste kaders beschikbaar te hebben. Ik denk hierbij direct aan de door de coalitie verworpen veegplan methode om bestemmingsplannen actueel te houden en snel en adequaat in te kunnen spelen op verbeteringsmogelijkheden en het instrument plattelandswoning dus niet overboord te gooien. De discussie op dinsdag 3 februari in Deurne moet gaan over de kaders die men wil stellen aan het instrument zodat knelpunten in het buitengebied worden opgelost.

Bron: Politiek Nieuwsblad; 31 januari 2015; Leo Cuijpers, fractievoorzitter CDA Deurne

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Reageren kan m.b.v. onderstaand formulier.
Je bericht zal z.s.m. door de redactie worden beoordeeld en geplaatst, mits deze voldoet aan de hiervoor geldende criteria.